‘Door de maag’

‘Door de maag’

“Unfaßbar”

Het is Uli Mutti (moeder van een vriend van Ries), die het onbegrijpelijk vindt dat ik me de; “art of making Knödels”, nog niet eigen heb gemaakt.  Ook de liefde (juist de liefde) van een Oostenrijkse man gaat door de maag. Het is daarom dat ze hem, als we in Wenen zijn, altijd een bord Semml-Knödels met linzen voorzet.  Ik mag een broodje kaas. Dat ik geen deegballen eet, vindt ze tot daaraan toe. Dat ik ze thuis niet maak voor Ries; ‘das geht doch nicht’.

Ik vond het nooit zo nodig, om middels kookkunsten mijn houden van te tonen (ook niet via bloemschikken-het huishouden doen of knopen aanzetten, trouwens). Ik ben  van de omgekeerde Feyenoord-theorie; wel woorden, geen daden. Ik zend mijn liefde graag via energieke luchtbanen of anders een romantische woordenstroom. Liever lui dan bezig, dat leek me lange tijd wel voldoende.

Tegenwoordig ligt achter mij een berg met klimmende jaren. Gestapeld uit kazen, die moesten worden gegeten. Ondergedompeld in wijnen, die moesten worden gedronken. Met een topping van chocolade, omdat ene tony chocolonely zo nodig een reep op de markt moest brengen. Wie bedacht heeft om zeezout en karamel samen te laten smelten: op de brandstapel ermee. Al was het maar uit naam van mijn zwembandje van roze vlees. Of van die  boezem, waarmee ik een volledige kleuterklas kan troosten.

Dan is er nog iets. Steeds vaker valt het me op. Het lijkt een trend. Overal om me heen, van die dames jonger, strakker en, waarschijnlijk, veel slimmer, dan ik. Ik denk wel eens, straks heeft Ries dat ook door. Om een beetje verwarring te zaaien (en een soort van preventieve relatietherapie in mijn eentje), besloot ik dan maar uit mijn luie stoel te komen.

Zo kwam het dat ik mijn handen afgelopen weekend terugvond in een bak gevuld met oud brood, eieren, melk en heel veel meel. Liefde is koude vingers in plakdeeg. Eigenlijk vond ik het stiekem hopeloos. Die zompige zooi in die bak. Dat konden toch nooit mooie egale deegballen worden?*

‘Nu hou ik nog meer van je.’ Ries stapte de keuken in en keek even mee over mijn schouder. En waarachtig, ik dacht te voelen (en daar ben ik goed in, in voelen), dat hij het nog meende ook. Verwarrend vond ik dat. Non feministisch prettig en licht ‘unfaßbar’.

Tot de volgende

Yf

 

*Werd het ook niet-zie foto

 

 

 

Submit a Comment