Recensie leesfeest: De blauwe vleugels

De blauwe vleugels Jef Aerts

Titel: De blauwe vleugels
Auteur: Jef Aerts
Uitgeverij: Querido, 2018
ISBN: 9789021414874
Illustraties: Martijn van der Linden

 

Kraanvogelsbroers blijven samen, voor altijd

‘Alles is altijd mijn schuld, he? Jadrans’ arm trilde.
Mijn vingers kraakten. ‘Niet alles Reus.’
Hoeveel dan? 
Hooguit de helft.’

Jadran en Josh zijn broers. Jadran is sterk als een reus, maar ook traag, impulsief en koppig. De elfjarige Josh is gewend om de verstandigste te zijn. ‘Als je broer het moeilijk heeft, moet jij op hem letten,’ heeft zijn moeder hem al jong geleerd. ‘Jij bent zijn beschermengel.’

Het verhaal begint tijdens een wandeling in de herfstvakantie. Jadran en Josh vinden een jonge gewonde kraanvogel. Jadran wil het dier mee naar huis nemen. Moeder vindt het eigenlijk geen goed idee, maar geeft al snel toe. Op een scène van Jadran zit niemand te wachten.

In de kleine flat waar ze ‘als musjes bij elkaar’ wonen met moeders vriend Murad en zijn dochter Yasmin, krijgt kraanvogel Spriet een plekje op het balkon. Jadran en Josh voeren de vogel pissebedden en regenwormen. Ze verzorgen zijn wond, die al snel geneest.

‘Hij moet leren vliegen. Zijn familie achterna,’ besluit Jadran dan. De broers smokkelen Spriet mee naar buiten. Tijdens deze eerste vliegles gaat het meteen gruwelijk mis. In een vlaag van impulsiviteit duwt Jadran Josh van een hoog platform. Niet expres, maar ook niet helemaal per ongeluk.

Niemand kan er meer omheen. Het wordt te gevaarlijk om de grote sterke Jadran thuis te houden. Op aandringen van Mika, een begeleider van zorginstelling de Ruimte, wordt besloten hem uit huis te plaatsen.

Maar als Jadran dit hoort, blijkt hij zo traag nog niet. Met een tractor haalt hij Josh en Spriet thuis op. Naar het Zuiden gaan ze. Om Spriet naar zijn familie terug te brengen. En om bij elkaar te blijven. Want broers haal je niet uit elkaar.

Het werk van de Vlaamse Jef Aerts wordt geprezen om zijn krachtige stijl en verfijnde emotie. Een zin als: ‘Het gras stak als spijkers door mijn schoenen.’  trekt je meteen de sfeer van het verhaal in. Net als de blauwgrijze illustraties van illustrator Marijn van der Linden. Ze passen uitstekend bij deze prachtige roman over de hechte band tussen broers. Over blauwe vleugels en afscheid nemen. Maar bovenal over schuld en falen.
Faalt de hulpverlening, die adviseert Jadran uit huis te plaatsten?
Geeft mama te veel verantwoordelijkheid aan Josh?
Is het Josh’ schuld, wanneer hij Jadran niet kan stoppen als deze te ruw of impulsief is?

‘Als er al iets is verknald, dan hebben we dat met zijn allen gedaan,’ zegt Mika op een bepaald moment. En daar schuilt de boodschap, ‘want of we nu willen of niet. We zijn elkaars beschermengelen.

Yvonne.

Houd je van boeken over de onafscheidelijke band tussen broers?
Lees dan ook eens de klassieker ‘De gebroeders Leeuwenhart’ van Astrid Lindgren.

Recensie leesfeest: De trein naar onmogelijke bestemmingen

De trein naar onmogelijke bestemmingen P.G. Bell

Titel: De trein naar onmogelijke bestemmingen
Auteur: P.G. Bell
Uitgeverij: Moon, 2018
ISBN: 978 90 488 4274 2
Illustraties:

 

Stap aan boord van een magische hogesnelheidstrein 

Een meisje met liefde voor natuurkunde, trollen, een heks en een kikker in een sneeuwbol. Stap aan boord van ‘De trein naar onmogelijke bestemmingen’.

Op een avond wordt Suzy Smith wakker. Ze sluipt de trap af naar beneden. Daar ontmoet ze Freek, spoorwegbouwer en trol. Freek bouwt een spoorlijn, dwars door haar huis. En dat is niet alles. ‘Schril gefluit vult de hal, metaal knarste op metaal en Suzy nam een duik naar achteren toen de trein op haar afstormde’.

De trein stopt precies in Suzy’s woonkamer. En het laat zich raden. Suzy laat haar kans op avontuur niet schieten en springt aan boord. Zo reist ze mee naar de Unie van onmogelijke bestemmingen. Naar magische plekken met namen als De Topazen Engten en de Crepusculaanse Woesternij. Tijdens haar reis maak Suzy kennis met hoofdmachinist Stronk en stoker Ursel, een geblondeerde bruine beer. In de postwagen leer ze de jonge trol Wilbert kennen. Hij is postmeester van dienst. Plichtsgetrouw en vreselijk bang voor Crepuscula, de machtigste tovenares van de Unie. En juist bij haar komt de trein dit keer te laat.

‘Wil je dat ik het postpakketje voor je aflever?’ vroeg Suzy.
‘Onmogelijk!’ zei hij. ‘Alleen ik ben bevoegd.’

Toch neemt Wilbert Suzy in dienst. Als het pakketje – een kikker in een glazen bol – tegen haar begint te praten, begint een spannend avontuur op de treinrails. Dan blijkt het lot van de Unie in Suzy’s handen te liggen. Slaagt ze erin uit handen van Crepuscula te blijven? En is deze tovenares eigenlijk wel de echte vijand?

Schrijver P.G. Bell neemt de lezer mee op een magisch avontuur. In een trein die met hoge snelheid over de rails dendert langs levende standbeelden, spookpiraten en een trollenstad. Zo af en toe zou je willen dat er wat langer bij een halte wordt stilgestaan.

Voor de wat meer ervaren lezers zal het tempo geen probleem zijn. Maar, zeker aan het begin, mag de aandacht niet verslappen. Als je er dan éénmaal inzit, laat de trein je niet meer gaan. Gelukkig wordt op de laatste pagina duidelijk dat boek twee niet al te lang op zich zal laten wachten.

‘Suzy, er is een pakje voor je.’ Suzy scheurde het pakje open. Erin zat één blaadje uit een notitieblok. Oefening baart kunst, tot gauw, stond er alleen maar. En afzender Wilbert. 

Yvonne de V.

Leestip: Nevermoor – Morrigan Crow en het Wondergenootschap’ van Jessica Townsend is ook een magisch leesavontuur dat je in een wervelwind uitleest.

Recensie leesfeest Merel

Merel

Sarah Moon

 

 

Titel: Merel
Auteur: Sarah Moon
Uitgeverij: Lemniscaat, 2018
ISBN: 978 90 477 1027 1
Illustraties:

 

Merel vliegt met de vogels mee

Het was geen zelfmoordpoging,’ breng ik krakerig uit.                                                         
‘Hoe kun je dat nu zeggen. Ik heb je net uit het ziekenhuis op moeten halen.’

Zwijgzame Merel is veertien jaar. Ze woont samen met haar moeder in Brooklyn, New York. Ze vult haar tijd met school, lezen en series kijken. Vogels zijn haar grote hobby. Op school heeft Merel weinig contact met haar klasgenoten. De kantine tijdens lunchtijd, is haar grootste angst.
In de bibliotheek voelt ze zich wel op haar gemak. Daar is mevrouw Wexler, de bibliothecaresse, van wie ze haar brood in het kantoortje mag eten. Al snel brengt Merel, met de andere ‘stamgasten’ – kinderen zoals Merel – haar pauzes door in de bibliotheek.

Op een dag wordt Merel gevonden op het dak van haar school. Iedereen denkt dat ze wilde springen. ‘Niet waar,’ houdt Merel vol. Wat er wel met haar aan de hand is, wil en kan ze niet vertellen. Zelfs niet – of juist niet – aan haar moeder. Daarom moet ze in therapie.
Ook hier zwijgt Merel. Haar therapeut, dr. Katz probeert haar via muziek te bereiken. Langzaam brokkelt Merels muur af. Aangemoedigd door songteksten begint ze te vertellen aan dr. Katz. Over het plotselinge overlijden van mevrouw Wexler. Hoe de plek, waar ze zich veilig voelde, verdween. Dat het contact met de stamgasten een dun draadje bleek dat al snel knapte.

Dan vertelt Merel ook over haar tweede natuur: van jongs af aan ontsnapt ze soms aan de werkelijkheid.  Door ‘op te stijgen’ en ‘weg te vliegen’, met de vogels mee. En dat wegvliegen was wat ze wilde, toen ze van het dak van haar school werd geplukt.
Langzaam komt Merel steviger in haar schoenen staan. Ze ruilt het vliegen in voor de muziek. Maar school blijft een uitdaging en contact maken met klasgenootjes moeilijk. Op advies van dr. Katz schrijft ze zich in voor een zomerkamp.

‘Bird flyin high, you know how i feel’. Elke morgen begint met dit lied van Nina Simone de dag in het Gertrude Nix-rockkamp. Hier, tussen gelijkgestemden, lukt het Merel eindelijk om zichzelf een stem te geven.

Muziek is de rode draad in de debuutroman van Young Adult schrijfster Sarah Moon. Geloofwaardig beschrijft ze de ontwikkeling van haar hoofdpersonage. Als Merel opstijgt om weg te vliegen, zweef je met haar mee. Als ze wordt genegeerd door één van de stamgasten, zak je samen met haar door de grond.
Merel praat niet, uit angst dat niemand wil horen wat ze te zeggen heeft. Als ze erachter komt dat ze niet de enige is die daarmee worstelt, is dat een opluchting. Niet alleen voor het hoofdpersonage, maar ook voor de lezer! Dat maakt ‘Merel’ een prima jeugdroman met herkenbare thema’s als verlegenheid, angst voor afwijzing en groepsdruk.

Waarom Merel zo verlegen is geworden, wordt niet helemaal duidelijk. Ook de moeder-dochter relatie blijft wat aan de oppervlakte. Verder is het jammer dat aan het einde van het verhaal geen afspeellijst is toegevoegd. De muziekteksten in het boek smaken zeker naar meer!

Yvonne de V.

Leestip: ‘Niemands meisje’ van Lydia Rood is ook een indrukwekkende jeugdroman over de angst dat niemand je diepste gevoelens ooit zal begrijpen.

Kei

Een kei zo groot

te groot om ermee

vandoor te gaan

Ik klein,

kan wel stil blijven staan

Bij deze zo grote kei

Hij is te mooi

om lelijk te zijn

de kei is koud

en zeer hard

Als ik erin geloof

en voel

is de kei

ook warm en zacht

Ari en Loek

Najaar 2020 verschijnt mijn tweede boek bij uitgeverij Hoogland en van Klaveren.

Uit de aanbiedingsfolder:

De moeder van Ari en de vader van Loek zijn verliefd op elkaar en hebben besloten samen in één huis te gaan wonen. Nu zijn ze volgens Loek een ‘samengezin. Ben je dan een beetje zus en een beetje broer van elkaar? Wie mag er boven in het stapelbed? en kun je een cavia eigenlijk delen.

In een uiterst aangename voorleesstijl, kort en bondig en met een flinke dosis humor, beschrijft Yvonne de Vries de alledaagse gebeurtenissen binnen het nieuwe gezin van Ari en Loek en de ontwapende levensvragen die dat bij hen oproept.’

De illustraties worden gemaakt door Jeska Verstegen: https://www.jeskaverstegen.nl/