In mijn huis woont een monster

Het bibbert en trilt

Het huilt en schreeuwt zonder geluid 

Ik doe alle deuren open

Maar het vuur brandt en

er is rode wijn

‘Patiënte staat wat angstig in het leven’ schreef de huisarts ooit over mij op een verwijsbrief. ‘Patiënte heeft een te grote fantasie’ had er net zo goed op kunnen staan. Angsten zijn meestal irreële gedachten uit de donkere hoekjes van de geest. Dat weet ik best. Naarmate ik ouder word, kan ik beter mee leven (ik adem in en uit , ik doe aan yoga, mindfulness en .. zal ik even door zweven?) Bovendien ben ik voor het belangrijkste in het leven (de liefde-ja-de liefde!) niet bang. Daar geef en neem ik genoeg van. Dat weegt meer dan angst. Ik heb al even geen verwijsbriefjes meer nodig gehad.

Het neemt niet weg dat ik soms van die dagen heb. Dat ik met de honden niet langs die ene tuin durf. Daar wonen twee honden. Ze blaffen en grommen. En zit daar nou een gat in de heg? Of deze; ik zwem helemaal alleen in het zwembad. De badmeester drukt op een knop. Een geheim luik gaat open. Er glijdt een schaduw onder mijn benen. Is het Jaws of is het Free Willy?!

Mijn reactie op deze-ietwat-vreemde hersenspinsels, is levensecht. Ik kan rustig een kwartier stilstaan op straat, met van die slappe wortelbenen uit het blik. Ik zwem als een goudvis, met speed op, naar het dichtstbijzijnde trappetje en druip af. Angst ziet er niet charmant uit.

De laatste tijd verdenk ik mezelf ervan dat ik het koester. Dat ik steeds iets nieuws verzin om mijn fantasie eten te geven. Volgens mij maakt mijn brein rode wijn voor het angstmonster. Lekker dan!

Ik zou de komende maand geen alcohol drinken. De angst dat mijn lever daar te erg van schrikt, weerhoudt me. Dus proost, een fijn weekend en tot de volgende!   

x Yf

 

Een gedachte over “een monster en rode wijn”

Geef een reactie